Help! Mijn kind schiet een bal door de ruit van de buren. Wie draait op voor de schade?
Help! Mijn kind schiet een bal door de ruit van de buren. Wie draait op voor de schade?
Kinderen zijn soms net sloopkogels. In hun spel en enthousiasme gooien ze de ruit van de buurman in, stoten ze bij een vriendje thuis een vaas om of fietsen ze tegen een auto in de straat aan. Dan rijst natuurlijk de vraag: ‘wie betaalt de schade?’
Artikel 6:169 van het Burgerlijk Wetboek regelt de aansprakelijkheid in dit soort gevallen. De leeftijd van uw kind speelt hierbij een belangrijke rol. De wet maakt onderscheid tussen kinderen onder de veertien jaar, kinderen van veertien en vijftien jaar en kinderen van zestien en zeventien jaar.
Kinderen onder de veertien jaar
Wanneer uw kind jonger dan veertien is en iemand anders schade toebrengt, bent u als ouder of voogd aansprakelijk. Hiervoor moet de gedraging van uw kind wel ‘als doen te beschouwen’ zijn. Wanneer uw kind iets nalaat te doen waardoor bij een ander schade ontstaat, leidt dit niet tot aansprakelijkheid.
Ook moet de gedraging een fout van uw kind zijn. Dit wordt in de wet een ‘onrechtmatige daad’ genoemd. Hiervan is sprake als de handeling inbreuk maakt op een recht, in strijd is met een wet of met ongeschreven recht. De gedraging moet bovendien aan het kind kunnen worden toegerekend; het moet dus zijn schuld zijn.
Verder moet er daadwerkelijk schade zijn geleden en moet deze schade het gevolg zijn van de fout van het kind. Tot slot moet de geschonden norm bedoeld zijn om bescherming te bieden aan de benadeelde. Een kind onder de veertien jaar kan zelf niet aansprakelijk worden gesteld voor een onrechtmatige daad; deze aansprakelijkheid komt altijd bij u als ouder of voogd te liggen.
Kinderen van veertien en vijftien jaar
Wanneer uw kind veertien of vijftien jaar oud is, is de aansprakelijkheid iets ingewikkelder. In deze leeftijdscategorie gaat het niet meer alleen om gedragingen die ‘als doen te beschouwen zijn’. Ook het nalaten van handelen waardoor een ander schade lijdt, kan tot aansprakelijkheid leiden.
Denk bijvoorbeeld aan de situatie waarin een vijftienjarige ziet en filmt hoe jongere kinderen vuurwerk in een woning gooien, maar daar niets van zegt of tegen doet. Doordat hij niet heeft ingegrepen, pleegt hij een onrechtmatige daad.[1]
De vraag wie aansprakelijk is, ligt ook anders dan bij kinderen onder de veertien jaar. Zowel het kind zelf als de ouders of voogden kunnen aansprakelijk worden gehouden. Als ouder of voogd kunt u aan aansprakelijkheid ontkomen wanneer u geen verwijt treft dat u de gedraging van uw kind niet hebt verhinderd.
U dient dan te bewijzen dat u de vereiste zorg ten aanzien van het toezicht op uw kind hebt betracht. Dit is vaak niet moeilijk, aangezien kinderen van veertien en vijftien jaar als betrekkelijk zelfstandig worden beschouwd. Er wordt beoordeeld of u als ouder alles hebt gedaan wat in de gegeven omstandigheden van u gevergd kon worden. Dit hangt af van de leeftijd, aard en het ontwikkelingsniveau van het kind. Daarnaast wordt gekeken naar de eisen van het dagelijks leven en uw leefomstandigheden als ouder.
Kinderen van zestien jaar en ouder
Deze leeftijdscategorie valt niet onder het eerdergenoemde artikel 6:169 BW. Dit betekent dat jongeren van zestien en zeventien jaar via het ‘gewone’ artikel over de onrechtmatige daad (art. 6:162 BW) aansprakelijk kunnen worden gesteld voor door hen veroorzaakte schade, en dat u als ouder daar niets mee te maken hebt.
Conclusie
Hoe ouder het kind, hoe meer zelfstandigheid er wordt verwacht. Totdat uw kind veertien jaar is, zult u moeten opdraaien voor door hem veroorzaakte schade. Is uw kind veertien of vijftien jaar, dan is het aan u om aan te tonen dat u het verwijtbare handelen van uw kind niet kon voorkomen. Is uw kind zestien jaar of ouder, dan bent u in principe niet aansprakelijk als ouder of voogd.
[1] Zie Rechtbank Oost-Brabant 13 augustus 2025, ECLI:NL:RBOBR:2025:4992.